Is BUX een dure broker, of biedt het platform juist scherpe tarieven in vergelijking met andere online brokers? Die vraag is relevanter dan ooit, nu steeds meer particuliere beleggers kritisch kijken naar broker kosten, transactiekosten en verborgen marges zoals de valutamarkup op Amerikaanse aandelen.
BUX presenteert zijn kostenstructuur als simpel en eerlijk. Drie pakketten, duidelijke maandelijkse servicekosten en vaste ordertarieven moeten voor transparantie zorgen. Toch zit de werkelijke beoordeling in de details. De combinatie van vaste abonnementskosten, variabele servicefee en valutakosten bepaalt uiteindelijk wat een belegger netto overhoudt.
Om die vraag goed te beantwoorden, moeten we de volledige kostenstructuur naast elkaar leggen.
Overzicht van BUX kosten per plan in een duidelijke vergelijking
BUX werkt met drie abonnementsvormen: Basic, Plus en Prime. Elk pakket kent een andere balans tussen vaste kosten, variabele servicefee en transactietarieven.
Hieronder een overzicht van de belangrijkste kosten per plan:
Kostenpost | BUX Basic | BUX Plus | BUX Prime |
Maandelijkse servicekosten | €0,00 | €2,99 | €7,99 |
Variabele servicekosten | 0,20 procent per jaar | 0 procent tot €250.000, 0,10 procent boven €250.000 | 0 procent tot €500.000, 0,10 procent boven €500.000 |
Marktorder kosten | Tot €3,99 | Tot €1,99 | Tot €0,99 |
Zero orders per maand | Niet beschikbaar | 3 | 5 |
Beleggingsplan | €0 per plan | €0 per plan | €0 per plan |
Rente op cash | 0 procent | 1,50 procent tot €100.000 | 1,75 procent tot €100.000, 1,65 procent boven €100.000 |
FX markup Amerikaanse aandelen | 0,75 procent | 0,25 procent | 0,20 procent |
Aandelen uitlenen vergoeding | 50 procent van netto rendement | 50 procent van netto rendement | 70 procent van netto rendement |
Storten en opnemen | €0 | €0 | €0 |
Deze tabel maakt direct duidelijk dat Basic aantrekkelijk oogt vanwege het ontbreken van maandelijkse servicekosten. Toch is de 0,20 procent variabele servicefee bij grotere vermogens een belangrijke factor.
Bij een portefeuille van €50.000 betaal je bij Basic jaarlijks €100 aan servicefee. Bij Plus betaal je in dat geval alleen €35,88 per jaar aan vaste kosten. Dat verschil loopt snel op naarmate het vermogen groeit.
Variabele servicefee en het kantelpunt in kosten
De variabele servicefee is een kostencomponent die veel beleggers onderschatten. Omdat deze maandelijks wordt ingehouden over het belegde vermogen, werkt het als een permanente druk op het rendement.
Bij Basic bedraagt deze 0,20 procent per jaar. Dat lijkt laag, maar over langere tijd kan dit effect aanzienlijk zijn. Stel dat een belegger €100.000 belegt en een gemiddeld rendement van 6 procent per jaar behaalt. De 0,20 procent servicefee verlaagt het effectieve rendement structureel. Over tientallen jaren kan dit duizenden euro’s schelen door het effect van samengestelde rente.
Bij Plus en Prime vervalt deze variabele fee tot respectievelijk €250.000 en €500.000. Dat maakt deze pakketten bij hogere vermogens relatief voordeliger.
Hier ontstaat een duidelijk kantelpunt. Voor kleine portefeuilles is Basic vaak goedkoper. Voor middelgrote tot grotere vermogens verschuift het voordeel richting Plus of Prime.
Transactiekosten en valutakosten, vaak de grootste kostenpost
Transactiekosten verschillen aanzienlijk per pakket. Bij Basic betaal je tot €3,99 per marktorder, bij Plus €1,99 en bij Prime €0,99. Voor een incidentele belegger maakt dit weinig verschil. Voor een actieve belegger met bijvoorbeeld twee transacties per week kan dit tientallen euro’s per maand schelen.
Toch ligt de grootste kostenpost voor veel particuliere beleggers ergens anders: de FX markup op Amerikaanse aandelen. Bij Basic bedraagt deze 0,75 procent, bij Plus 0,25 procent en bij Prime 0,20 procent.
Bij Brokerskiezen kaarten we dit onderwerp vaak aan, omdat valutakosten voor veel beleggers de grootste verborgen kostenpost vormen en regelmatig een valkuil blijken. De opslag zit verwerkt in de wisselkoers en voelt daardoor minder zichtbaar dan een vaste commissie, maar het effect op het rendement is direct.
Een voorbeeld maakt dit concreet. Koop je voor €20.000 aan Amerikaanse aandelen via Basic, dan betaal je €150 aan valutakosten. Bij Prime is dat €40. Het verschil van €110 per transactie kan het voordeel van nul maandelijkse servicekosten volledig tenietdoen.
Voor beleggers die regelmatig in Amerikaanse aandelen of ETF’s handelen, is de FX markup vaak belangrijker dan de zichtbare transactiekosten.
Rente op cash en securities lending als aanvullende factoren
BUX Plus en Prime bieden rente op niet belegd cash. Plus keert momenteel 1,50 procent uit tot €100.000. Prime biedt op dit moment 1,75 procent tot €100.000 en 1,65 procent boven die grens. Basic biedt geen rentevergoeding.
In een markt waar spaarrentes variëren, kan deze rente een aantrekkelijk voordeel zijn. Een belegger met €30.000 aan cash ontvangt bij Prime jaarlijks €525 aan rente. Dat overstijgt ruimschoots de vaste abonnementskosten van €95,88 per jaar.
Daar staat tegenover dat cash op een beleggingsrekening meestal een tijdelijke positie is. Structureel hoge cashposities kunnen wijzen op markt timing, wat op zichzelf risico’s kent.
Daarnaast biedt BUX de mogelijkheid tot het uitlenen van aandelen. Basic en Plus klanten ontvangen 50 procent van het netto rendement, Prime 70 procent. Door operationele kosten en vergoedingen aan leenagenten komt dit neer op respectievelijk 32,5 procent en 45,5 procent van het bruto rendement dat door leners wordt betaald. Deze inkomsten zijn variabel en afhankelijk van marktvraag.
Beleggers moeten zich realiseren dat securities lending extra tegenpartijrisico introduceert, ook al worden zekerheden gesteld.
Is BUX duur in vergelijking met andere brokers?
In vergelijking met traditionele banken ogen de transactiekosten en servicefees van BUX concurrerend. Grote bankbrokers rekenen vaak hogere orderkosten per transactie en hanteren minder flexibele prijsstructuren, waardoor actieve beleggers daar relatief duur uit kunnen zijn.
Kijken we echter naar internationale prijsvechters, dan wordt het beeld minder gunstig voor BUX. Er zijn brokers die geen lopende servicefee rekenen en aanzienlijk lagere valutakosten hanteren. Zeker bij Amerikaanse aandelen kunnen de verschillen in FX kosten fors oplopen. Waar BUX bij het basispakket 0,75 procent rekent en zelfs bij het premium pakket 0,20 procent, bieden sommige concurrenten valutawissels tegen een fractie daarvan aan. Dat verschil tikt vooral bij grotere bedragen stevig aan.
Lees ook: DEGIRO vs MEXEM: deze broker is de beste
BUX bevindt zich daarmee in het middensegment. Het platform is overzichtelijk en transparant, maar niet structureel de goedkoopste keuze. Het automatische Beleggingsplan, waarbij orders commissievrij worden uitgevoerd, is aantrekkelijk voor lange termijn beleggers die periodiek investeren en weinig handelen buiten dat plan.
De kernvraag is daarom niet simpelweg of BUX duur is, maar voor welk type belegger het kostenmodel gunstig uitpakt. Een starter met een beperkte portefeuille en een vast maandelijks beleggingsritme kan relatief voordelig uit zijn. Een actieve belegger met veel transacties in Amerikaanse aandelen of een grotere portefeuille kan elders aanzienlijk lagere totale kosten realiseren.
Wie zijn handelsfrequentie, portefeuilleomvang en blootstelling aan vreemde valuta nauwkeurig doorrekent, ziet snel dat niet alleen zichtbare transactiekosten, maar vooral lopende servicefees en valutakosten bepalend zijn voor het uiteindelijke rendement.
Is BUX een dure broker? Analyse van BUX kosten
Beleggen via een app lijkt goedkoop en toegankelijk, maar achter ogenschijnlijk lage tarieven kunnen structurele kosten schuilgaan. In dit artikel analyseren of BUX daadwerkelijk een voordelige broker is, of dat servicefees en valutakosten het rendement ongemerkt uithollen.

Gerelateerde artikelen
Meer lezen? Bekijk ook deze gerelateerde artikelen.
De beste zakelijke broker van Nederland in 2026
Steeds meer ondernemers in Nederland kiezen ervoor om hun zakelijke vermogen actief te beleggen, in dit artikel lees je waarom en wat de beste zakelijke broker van Nederland is.
Zakelijk beleggen in 2028: deze fouten maken beleggers massaal
De invoering van werkelijk rendement box 3 2028 zet de fiscale wereld van beleggers volledig op zijn kop, in dit artikel lees je wat de meest gemaakte fouten zijn rond zakelijk beleggen en waar je op moet letten.



